Algemeen: berekening rapportcijfer
Rapportcijfers worden vastgesteld op basis van het voortschrijdende gemiddelde. Het kerstrapport is gebaseerd op het gemiddelde van alle behaalde cijfers tot en met de proefwerkweek aan het einde van het eerste trimester. Het voorjaarsrapport is gebaseerd op het gemiddelde van alle cijfers tot en met de proefwerkweek aan het einde van het tweede trimester. Het overgangsrapport is gebaseerd op het gemiddelde van alle behaalde cijfers van het schooljaar.
Bevordering van 1e klassen naar 2e klassen
Er zijn twaalf vakken,
Afwijzen bij meer dan 4 tekorten, of bij een zwak rapport (van 2,5 tot en met 4 tekorten) en een eerder onvoldoende rapport (kerst- of april rapport met meer dan 4 tekorten)
Toelaten H2 bij 4 of minder tekorten en een normgetal lager dan +10
Toelaten A2 normgetal +10 en een 7 of hoger voor de vakken Nederlands, Engels én wiskunde
Toelaten G2 normgetal +10 of hoger en voor wiskunde, Nederlands, Engels en Frans tenminste een 7
Doubleren in de eerste klassen is niet mogelijk. In beginsel stromen alle leerlingen door naar 2-gymnasium, 2-atheneum, 2-havo of 2-vmbo.
*Let op: de vakken techniek, levensbeschouwing en lichamelijke opvoeding worden beperkt meegerekend. De cijfers van de vakken techniek, levensbeschouwing en lichamelijke opvoeding worden bijelkaar opgeteld en kunnen maximaal +2,5 (positieve norm) of minimaal -1 (tekort) meetellen. Uitleg hierover ontvangen de ouders medio maart bij de voorlichting "verder na de eerste klas".
Voor de Odysseeklassen geldt een aparte regeling (elf vakken) en er worden ook portfolio-opdrachten meegewogen in de bevordering. KCV wordt meegenomen in het portfolio.
Bevordering van klas 2 naar 3 en van klas 3 naar 4
Hiervoor geldt de volgende normering:
- Afwijzen 5 of meer tekorten
- Bespreken 3½, 4 of 4½ tekorten
- Toelaten niet meer dan 3 tekorten zijn
De vakken lb – Lo – tn kunnen tezamen maximaal een bijdrage leveren van 1½ tekort.
Bevorderingsnormen Gymnasium 4 naar Gymnasium 5 |
|||||||
|
|
Bevorderen |
|
|
Bespreken |
|
|
Afwijzen |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1 |
Geen tekorten. Bij het berekenen van de tekorten worden de combinatievakken (lo en lb) niet meegeteld. |
|
1 |
Een cijfer lager dan 4,0. (niet voor de combinatievakken lo en lb) |
|
1 |
Bij 4 of meer tekorten. Bij het berekenen van de tekorten worden de combinatievakken (lo en lb) niet meegeteld. |
2 |
Niet meer dan 2,5 tekorten, mits het gemiddelde van de cijfers 6,0 of hoger is (behalve voor de combinatievakken). |
|
2 |
Bij 3 of 3,5 tekorten mits de rest v.d. cijfers een gemiddelde heeft van 6,0 of hoger en het cijfer voor de combinatievakken (lo en lb) voldoende is. De berekening van de tekorten geldt alleen voor die vakken die buiten het combinatiecijfer vallen. |
|
2 |
Bij 3 of 3,5 tekorten en het gemiddelde van de cijfers (met uitzondering van de combinatievakken lo en lb) lager is dan 6,0. |
3 |
Geen cijfer lager dan 4,0 (de vakken lo en lb van het combinatiecijfer niet meegeteld). |
|
3 |
Het combinatiecijfer lager is dan 5,5, terwijl het gemiddelde van de rest van de cijfers 6,0 of hoger is. |
|
3 |
Bij 3 of 3,5 tekorten en het gemiddelde van de cijfers (met uitzondering van de combinatievakken lo en lb) hoger is dan 6,0 maar het gemiddelde van de combinatievakken lager is dan 5,5. |
4 |
Het gemiddelde van de combinatievakken mag niet lager dan 5,5 zijn. De combinatievakken zijn lo en lb. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Op het overgangsrapport van Gymnasium 4 naar Gymnasium 5 worden halve en hele cijfers gegeven |
||||||
|
|
Voor leerlingen met Kumu of of Kubv in hun profiel geldt dat het gemiddelde cijfer voor Kunst Algemeen en Kunst Muziek of Kunst Beeldend meetelt bij het bepalen van de uitslag. |
||||||
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Het is niet mogelijk in hetzelfde of in twee opeenvolgende leerjaren te doubleren, tenzij daarvoor heel bijzondere redenen zijn aan te voeren. |
||||||
Bevorderingsnormen van gymnasium-5 naar gymnasium-6
Bevorderen:
Een leerling wordt bevorderd als:
- alle eindcijfers zes of hoger zijn
- er één vijf is behaald en de overige eindcijfers zes of hoger zijn
- er één vier is behaald en de overige eindcijfers zes of hoger zijn en het gemiddelde tenminste 6.0 is
- er twee vijven, of één vier en één vijf zijn behaald en de overige eindcijfers zes of hoger zijn en het
- gemiddelde tenminste 6.0 is
Herexamen:
De vergadering kan een herexamen toestaan in één vak met een onvoldoende cijfer als door het verhogen van het cijfer voor dat vak met één punt alsnog aan de bevorderingsnorm kan worden voldaan.
Afwijzen:
In alle overige gevallen wordt een leerling afgewezen.
Opmerkingen:
Op het eindrapport van gymnasium-5 worden alleen hele cijfers gegeven.
Een leerling kan alleen worden bevorderd nadat de delen van het schoolexamenprogramma die op gymnasium-5 worden afgerond, inderdaad zijn afgerond. Dat betekent dat de onderdelen die becijferd worden, van een cijfer moeten zijn voorzien en dat de onderdelen van handelingsdelen met een voldoende moeten zijn afgerond.
Behalve toetsen worden voor een aantal vakken ook praktische opdrachten gemaakt. Het behaalde resultaat wordt meegewogen in de periode waarin deze opdracht is gemaakt. Het cijfer telt mee als een proefwerk.
Bovendien geldt de voorwaarde dat de voor het vijfde jaar vastgestelde handelingsdelen als onderdelen van het schoolexamen aan het einde van het schooljaar naar behoren uitgevoerd dienen te zijn.
Voor leerlingen met Kumu of of Kubv in hun profiel geldt dat het gemiddelde cijfer voor Kunst Algemeen en Kunst Muziek of Kunst Beeldend meetelt bij het bepalen van de uitslag.
Het is niet mogelijk in hetzelfde of in twee opeenvolgende leerjaren te doubleren, tenzij daarvoor heel bijzondere redenen zijn aan te voeren.













